Digi-buddy

Omschrijving

In de Antwerpse buurtwerken ondersteunen vrijwilligers buurtbewoners in het versterken van hun digitale vaardigheden.

De digi-buddy is een vrijwilliger die een duo vormt met een buurtbewoner die gedurende een langere periode, bijvoorbeeld 6 maanden, aan zijn of haar digitale vaardigheden wil werken. De digi-buddy gaat met de buurtbewoner aan een computer, tablet of GSM zitten en ze bekijken samen wat de buurtbewoner wil aanleren of verkennen.  Op die manier krijgt de buurtbewoner individuele begeleiding op maat.

We bespreken de concrete vraag of nood, dit is zeer verschillend. Er zijn verschillende trajecten opgestart rond digitale vaardigheden bij het zoeken van werk, in orde brengen van administratie of Nederlands oefenen.

De digi-buddy en deelnemer oefenen wekelijks of tweewekelijks samen en bespreken de vorderingen en concrete vragen. De digi-buddy zal stap per stap ook nieuwe info, websites en apps aanreiken op tempo van de deelnemer. De deelnemer oefent verder thuis en kan ook specifieke taken meekrijgen, zoals een mail sturen naar de digi-buddy.

Digi-buddy focust vooral over het aanleren van belangrijke concepten (bijvoorbeeld hoe installeer je een app), aan de hand van concrete toepassingen waar de buurtbewoner een probleem mee ondervindt.

Er wordt gewerkt aan thema’s zoals werk, school, online dienstverlening en algemene vaardigheden. Maar het uitgangspunt is altijd de situatie van de deelnemer zelf: wat heeft hij of zij nodig? Het digitale is namelijk geen doel op zich, maar een middel om te bereiken wat je nodig hebt. Doordat de deelname aan het traject vrijblijvend is en de buurtbewoner altijd kan beslissen om al eerder te stoppen, merken we dat de motivatie juist heel sterk is en mensen enorm groeien in hun zelfvertrouwen en vaardigheden.

De digi-buddy en de buurtbewoner beslissen samen wanneer het traject wordt afgerond. De digi-buddy zal de deelnemer ook doorverwijzen naar een specifieke workshop of vorming, van bijvoorbeeld de webpunten of Ligo.

Concrete voorbeelden:

  1. Een moeder komt om met Smartschool te leren werken. Tijdens haar leertraject rond Smartschool vermeldt ze ook iets over QR-codes en dan wordt er gewerkt aan het leren werken met QR-codes.

  2. Iemand komt om beter te leren werken met Word. Deze deelnemer ontdekt zo dat er nog andere nuttige Office-toepassingen bestaan zoals PowerPoint of Excel. In dit geval wordt de deelnemer ook doorverwezen naar concrete (externe) cursussen naast het Digi-leen traject.

  3. Iemand komt om te leren om een specifieke administratieve aanvraag in orde te brengen (de deelnemer komt binnen met een concreet document). Tijdens het traject wordt de deelnemer leer de deelnemer ook werken met andere relevante toepassingen voor administratie, zoals het e-loket en Itsme.

Deelnemers die thuis geen internet hebben, hebben meestal nog een basisniveau. Er wordt eerst gewerkt aan basisvaardigheden waarvoor het internet niet nodig is (zoals leren typen). Ze worden ook aangemoedigd om stappen te nemen om internet te kunnen gebruiken: ze informeren deze krijgen informatie deelnemers over het sociaale tarief en over de plekken waar zemet openbare wifi kunnen gebruiken, zoals de webpunten, bibliotheken en buurtwerken.

Als de buurtbewoner zelf geen toestel heeft, kan hij of zij er één lenen via digi-leen (zie fiche 4).

Vereisten locatie en materiaal

  • Wifi

  • Oefentoestellen zoals laptops, computers, smartphones, tablets...

  • Ruimte waar buurtbewoners en vrijwilligers samen kunnen komen

Schaalbaarheid

  • Hoe meer vrijwilligers hoe meer duo’s er kunnen gevormd tussen een vrijwilliger en een buurtbewoner.

  • De ondersteuning door een vrijwilliger kan ook op een andere plaats gebeuren dan in het buurtwerk zelf, zoals bij de buurtbewoner thuis.

Variaties op deze actie

  • Door vrijwilligers in te zetten die meertalig zijn, kunnen buurtbewoners ondersteund worden die nog niet zo veel Nederlands kennen.

  • Je kan Eenkele deelnemers met hetzelfde ‘digitale doel’ samen begeleiden. Dit verlaagt voor sommige mensen de drempel om deel te nemen.

  • Je kan Eenkele ouders samen ondersteuning geven bij schoolgerelateerde vragen. Zo merken ze dat ze niet de enige zijn die moeite hebben met bvb.ijvoorbeeld Smartschool.

Succesfactoren/interessante samenwerkingen

  • Je hebt sterke vrijwilligers nodig die gedurende een langere periode een buurtbewoner willen ondersteunen.

  • De vrijwilligers moeten professioneel ondersteund worden om de buurtbewoners op een versterkende manier te ondersteunen, dus niet alles zelf doen of uit handen nemen. Deze professionele ondersteuning kan bestaan uit:

  • Een kennismakingsgesprek om de juiste verwachtingen naar elkaar toe te kaderen

  • Vormingsmomenten

  • Uitwisselingsmomenten met andere vrijwilligers

  • Coaching op maat

  • De medewerker (van het buurtwerk) kent zowel de vrijwilliger als de buurtbewoner goed en is dus het best geplaatst om de duo’s te koppelen, zodat er een goede match is. Dit is belangrijk voor het opbouwen van een vertrouwensband om zo dit traject voor een langere tijd goed te kunnen volbrengen.

www.digi-leen.be